venster sluiten | naar de website
De verschuiving
De eekhoorn lag in het mos en leunde met zijn elleboog op zijn staart. Hij keek om zich heen en alles wat hij zag was groen: de bladeren van de bomen, de struiken, het gras, het mos. Hij deed zijn ogen dicht, liet de zon tussen de takken door op zijn rug schijnen en dacht aan de lucht en aan de geur van honing en hars en beukennoten.
Toen viel hij in slaap. De mier stootte hem wakker.
Eekhoorn, riep hij. Wakker worden!
De eekhoorn sprong overeind.
Wat is er? riep hij.
Niets, zei de mier. Dat is het hem juist.
De eekhoorn keek om zich heen en zag dat het bos verdwenen was. En boven hem was de lucht verdwenen en onder hem de grond. Hij snoof, maar hij rook niets meer. Hij luisterde, maar hij hoorde niets meer. Er floot geen wind, er kabbelde geen water, er kraakte geen tak.
Wat gebeurt er? Riep hij. Maar hij zag de mier ook niet meer.
Mier!Mier! riep hij. Er kwam geen antwoord en toen hij nog een keer riep hoorde hij ook zijn eigen stem niet meer. Vervolgens zag hij ook zijn staart en zijn vingers niet meer.
O, dacht hij, ik ben… en toen dacht hij ook zijn eigen gedachten niet meer.
Er was helemaal niets meer. Niets.
Heel geleidelijk en misschien pas na lange tijd, maar misschien ook heel plotseling, begon er iets te ritselen, bijna onhoorbaar nog. Het was een grassprietje dat opdook uit het niets en zich strekte. En een tijd later verscheen er een boterbloem en begon de geur van wilgenhout rond te zweven.
…hier, dacht de eekhoorn. Hij zag een haartje dat geleidelijk bij een staart begon te horen.
O, zuchtte hij.
Niet veel later was de wereld weer compleet en zat hij met de mier te praten.
Dat was een verschuiving, zei de mier.
De eekhoorn had nog nooit van een verschuiving gehoord.
Dat is een ramp, zei de mier. En heel zeldzaam, voegde hij er op een gewichtig toon aan toe.
Alles verschuift van iets naar niets. En daarna heel langzaam weer terug.
Die avond liet hij de eekhoorn een boek met plaatjes van verschuivingen zien. De meeste bladzijden waren leeg of ontbraken. En toen hij de laatste bladzijde omsloeg viel het boek uit elkaar, blies de mier het van de tafel af en dwarrelde het naar de grond.
Dat wij hier zitten is een wonder, zei de mier. Maar dat is op zichzelf nu juist weer heel gewoon.
De eekhoorn had honger en vroeg zich af of de mier iets in huis had, als was het maar een oude beukennoot.
uit: Toon Tellegen, Toen niemand iets te doen had
Plaats een reactie
Het nieuwsbriefarchief van Exposé vind je hier
Abonneer je hier gratis op Exposé. Iedere 6 weken een nieuwsbrief vol praktische tips om een succesvol en inspirerend leider te zijn.
Deze tekst is auteursrechtelijk beschermd en intellectueel eigendom van PALET coaching | advies | interimmanagement. Wil je dit artikel of een gedeelte ervan overnemen, dan is dat slechts toegestaan onder de voorwaarde, dat je direct onder het artikel:
1. vermeldt dat het artikel uit het Exposé komt,
2. vermeldt dat het artikel copyright 2010 van PALET coaching | advies | interimmanagement is,
3. een duidelijke en werkende link plaatst naar www.paletonline.nl.
Voorbeeld:
Bron: PALET coaching | advies | interimmanagement - (C) 2010 - www.paletonline.nl